Direct naar paginainhoud

Madsy Mossel-Breeveld

Mijn naam is Madsy Mossel-Breeveld. Ik ben geboren op 19 maart 1942 in Paramaribo, Suriname.

Het heeft even wat langer geduurd maar ik mag mij alsnog voorstellen. Mijn Surinaamse achtergrond betekent heel veel voor mij. Het heeft me geleerd te staan waar ik staan moet en mij inzicht gegeven in mijn eigen zijn. Daarnaast is het geloof mij met de paplepel ingegoten en dat heeft mij verstevigd in mijn zijn, vooral als vrouw.

Als beroep ben ik hoofdverpleegkundige geweest en geëindigd als verpleegkundig directeur. Naast mijn beroep heb ik mij ingezet voor het welzijn van senioren, wat ik nog steeds doe.

Wij, de Surinamers geboren voor de onafhankelijkheid, willen onszelf geen migrant noemen, omdat wij onder het Koninkrijk der Nederlanden geboren en getogen zijn. Dus Surinamer in Almere zijn heeft niet geknabbeld aan mijn cultuur. Ik voel me thuis in Almere, anders was ik allang vertrokken. Het is mijn thuis. Ik voel me hier gezien en gehoord.

Het helpen van mijn medemens

Ik zit in verschillende organisaties in Almere. Zo ben ik ambassadeur binnen ‘GOUD’ (Goed Ouder Worden) en heb ik een vereniging opgericht voor senioren: ‘Wij Zijn Er Ook’. Wat ik zo belangrijk vind aan deze stichtingen is dat je zo je medemens helpt. 

Mensen, vooral Surinaamse ouderen, zitten met vragen. Ik ben dan niet altijd degene die het antwoord weet, maar ik weet ze wel de weg te wijzen naar waar ze moeten zijn. Dat doe ik met plezier. Ik zet mij in voor misstanden onder de zwakkeren in Almere. Ik hoop een waardevolle meedenker te zijn en te blijven voor Almere. Twee jaar geleden ben ik geridderd in de Orde van Oranje-Nassau. Ik was daar zo ontroerd door.

Een zwarte bladzijde

Mijn god, ik zit in zoveel dingen… Ik zing in twee koren, waarvan één uit Almere. We treden vaak op tijdens Keti Koti. Dat is mijn bijdrage aan de verhalen over het slavernijverleden. Dat is belangrijk, want vooral de jeugd weet heel weinig over dat verleden. Het is een zwarte bladzijde van Nederland en er wordt gezegd dat het zo lang geleden is, maar die pijn is er nog, die voelen we nog. Daarom ben ik blij dat het nu veel aandacht krijgt.

Mijn wens

We hebben de jeugd nodig, daar moet je energie in stoppen. Mijn grootste wens voor de Surinaamse gemeenschap in Almere is dat zij op een positieve manier meedoen. We moeten de jeugd motiveren om de juiste weg op te gaan. Dat zij niet jagen naar het materiële, want dat is niet alles. Ik had vroeger niet veel, maar mijn ouders hebben me rijk gemaakt door opvoeding. 

Men heeft nu ook weinig tijd voor elkaar. Ik betreur het als ik hoor dat mensen drie dagen dood in hun huis liggen. Hoe is dat mogelijk? Sommige buren wonen naast elkaar en weten niet eens van elkaar hoe ze heten. Dat was vroeger in Almere niet zo. Toen waren we er voor elkaar.
 

Illustratie Almere skyline
Geef jouw mening